Fragmenten

Lissabon



Lissabon, zaterdag middag, 14 november. 20 graden, een schier zonnetje, een overheerlijke cappuccino op een druk pleintje. De bomen zijn groen. Op de achtergrond het geruis van een bruisende stad. Een prachtig uitzicht, fijn gezelschap, en een goed gesprek.

Soms gaat het leven van een zeeman over rozen, zoals vandaag.

Vrijdag nacht gaan we voor anker op de rede van Lissabon. Om half vijf zaterdag ochtend lichten we het anker weer en varen we rustig de Taag op. Een donkere vlek op het water of het geflits van een zak lamp verraad de aanwezigheid van ontwakende Portugese vissers. We moeten uitkijken dat we ze niet overvaren in hun veelal onverlichte sloepjes.

Om acht uur precies meren we aan, net achter de enorme brug over de Taag. Door de wind die door de constructie waait en het verkeer dat er over heen rijdt, klinkt het alsof we een bijenkast binnen varen. Heel even lijkt het er op dat we een plek krijgen in de oude stad, maar uiteindelijk liggen we bij een oude passagiersterminal naast een ander tallship, de Denmark, uit Kopenhagen. Zij doen hier hun onderhoud in plaats van het koude Hoge Noorden.



Tot 12 uur 's middags heb ik wacht. Ik schilder een van de kettingen aan de verstagingen van de boegspriet. Een leuk klusje dat veel klim creativiteit vereist. Je begint bovenaan te schilderen, maar uiteindelijk loopt de ketting helemaal naar beneden, naar wat de "dolphin-striker" heet. Het is een punt die recht het water in steekt en bijna aan het uiteinde van de boegspriet zit. Een favoriete plek van dolfijnen om omheen te zwermen. Met een emmertje verf aan mijn klimharnas gebonden doe ik mijn werk. Geen vervelend klusje met een stad als Lissabon op de achtergrond.

Rond 11 uur vertrekken de laatste gasten. Het blijft toch gek: met een aantal bouw je binnen een paar dagen een goede band op. Op een schip heb je dat snel. Afscheid nemen hoort er dan ook bij.

Een bijzondere gast was Richard - een gepensioneerde Brit. De Hollandse thee stond hem niet aan. "Tea-bags are for busdrivers," merkte hij op een ochtend droogjes op. Richard had het liefst echte thee, gezet in een thee-ei. Uiteraard zo zwart mogelijk.

Tussen 12 en 6 uur ben ik vrij. De hele middag tijd om te passagieren: even geen schip, en even tijd en ruimte voor mezelf. Uiteindelijk vertrek ik samen met Ilse naar de oude stad. We kennen de weg niet dus lopen we maar wat. Lissabon is gebouwd op een aantal flinke heuvels. We moeten dus klimmen en via stijle straatjes die een behoorlijke aanspraak op onze kuitspieren doen krijgen we uiteindelijk een mooi uitzicht over de stad.

Na anderhalf uur lopen is het tijd om te ontspannen op een terrasje. Portugezen schijnen bijzonder goed koffie te kunnen maken, en alhoewel ik geen drinker ben, moet dat natuurlijk wel uitgeprobeerd worden. En ja: het smaakt voortreffelijk.

Voor Portugese begrippen is het koud. Toch is een shirt voldoende. Ik realiseer me dat dit toch wel heel bijzonder is: zo zit je op een schip en vaar je weg uit het koude Nederland, en een paar dagen later zit je in het najaar zonnetje op een terras in Lissabon.



De rest van de middag besteden we aan een rondje oude stad. De welbekende trammetjes die de stijle heuvels beklimmen kunnen we natuurlijk niet overslaan. Uiteindelijk eindigen we onze tour aan de oude toegangspoort van de stad die bij de haven staat. Een standbeeld van ontdekkingsreiziger Vasco de Gama siert het plein voor de poort. Portugal is een land van zeevarenden.



Op weg terug naar de "Stad Amsterdam" vindt Ilse nog een scherf van een van de vele mooie tegeltjes die hier vele gevels sieren. We belanden nog op een sloop en zo kom ook ik thuis met een scherf. We mijmeren wat over badkamers vol met zulke tegeltjes. Met een ijsje in de hand slenteren we uiteindelijk langs de Taag weer terug naar ons varende thuis. Tijd voor nog een avondwacht. Ilse draait 's avonds de bar.

Vandaag - zondagochtend - gooien we de trossen weer los. Lissabon is zeker een stad om naar terug te komen. Binnen een paar uurtjes - met de stad nog in zicht - hebben we vanochtend alle masten volgebouwd. We lopen 12 knopen en zetten koers naar Tenerife. Een straffe noordoost passaat brengt ons daar in vijf dagen. De zon schijnt volop en de temperatuur is aangenaam: het is opnieuw een prachtige dag.