Fragmenten

"Aan J.S."



Mijn opa, aan wie deze website is opgedragen, is geboren in het Friese dorpje Beetsterzwaag. Het toeval wil dat J.J. Slauerhoff, aan wie deze website tevens opgedragen is hier tussen juni en juli 1929 de huisartsenpraktijk van dokter Bremer waarnam. De verhalen over Slauerhoff's bezoek gaan nog altijd de ronde.

Slauerhoff's verblijf in Beetsterzwaag is ronduit tumultueus te noemen. Slauerhoff was een losbol, en zat altijd achter de meisjes aan, zo gaat het verhaal. Bij een patiënte die beter was, kwam hij met een bos bloemen aan. 's Avonds hing hij rond op de kerkhoven in de buurt. Het toppunt was dat hij met een negentienjarig meisje aan de zwier ging.

Met ene Aaltje Koopmans reed Slauerhoff die zomer, in de Ford van de dokter, naar het huis van dichter J.C. Bloem en Clara Eggink in het nabijgelegen St. Nicolaasga. Bloem was verbijsterd: "Onbekende meisjes voerde Slauerhoff met zich of dat de gewoonste zaak van de wereld was," schrijft Eggink in
Leven met J.C. Bloem.

Bloem zelf schreef een passend kwatrijn.

Die 'k aan een gier geklemd dacht zwevende over de Andes,
Of snaren toklend aan den langoureuzen Taag,
Verkrachtend te Parijs, of zwervend langs de Landes,
Is nu godbetert arts in 't Friesche Beetsterzwaag.

De praktijk van dokter Bremer staat er nog altijd, al is het momenteel een woonhuis annex kantoorpand. Wel herinnert bovenstaande plaquette nog aan Slauerhoff's korte, maar intense bezoek.

De plaquette verwijst naar China - naar de Yangtze Chiang, maar ook naar het Friesland waar Slauerhoff opgroeide. Hiermee beschrijft het haarfijn Slauerhoff's innerlijke conflict: de schimmige strijd tussen het verlangen om te vertrekken, en het verlangen om thuis te komen.

In zijn carrière als scheepsarts voer Slauerhoff twee jaar langs China's kusten (van 1925 tot 1927). Slauerhoff schrijft in zijn reisverslagen over de Chinese zeeën, over het roze ochtendlicht, en over de eenzaamheid van zeelieden.

Slauerhoff schrijft in
Such is Life in China:

"
Tot vier uur was ik in een huurdansgelegenheid blijven zitten, hopend iets dat op tederheid leek te kunnen kopen. Alles was daar gedaan om het te doen lijken op een feest. Er hingen guirlandes en serpentines, de muziek was stemmingsvol, de dans-meisjes hadden fancy-dress en waren met lovertjes en sterren bedekt, maar zij lachten alleen als iemand hen ten dans noodde door hen aan te stoten. In de overige ogenblikken staarden zij voor zich uit, sommigen star, anderen droevig, en behalve zij die op het hoogtepunt van een roes verkeerden, waren alle bezoekers die aan hun tafeltjes rondom de balustrade of onder de palmen langs de wanden zaten somber en gedrukt."

Maar ook zijn belangrijkste romans,
Het Verboden Rijk en Het Leven op Aarde spelen zich af in China.

Interessant detail is dat de hoofdpersoon in
Het Verboden Rijk een marconist is (het beroep van mijn opa), en gaat over de dualiteit tussen enerzijds vrijheidsdrang, en anderzijds het verlangen om je aan iets of iemand te binden. Vrijheid geeft grenzeloze ruimte om te experimenteren, om te groeien en grenzen te verleggen - maar kan ook uitmonden in wat de marconist uit Slauerhoff's verhaal "desolate vrijheid" noemt, waarin iemand z'n persoonlijkheid verliest.

De dualiteit uit
Het Verboden Rijk is een typisch Slauerhoff thema dat je terug vindt in zijn hele leven - en in het bijzonder in Zeeroep, het gedicht waaraan de titel van deze website is ontleent.

Ik ging gelooven dat ik nu zou rusten,
De winter in 't ommuurde stadje blijven,
Een huis bewonen, klare zinnen schrijven
En voor het eerst wat langer voortgekuste
Vrouwen hier bij mij hebben en, ter ruste
Met hen gegaan, lang in omhelzing blijven,
En langzaam werden mij hun willige lijven
Vertrouwd als vroeger vaak bezeilde kusten.
Zoo dacht ik zittend in mijn kamer, maar
Vannacht hoor ik de najaarsstorm aanheffen;
Het dakhout maakt als kreunend want misbaar.
Ik woon zo ver van zee, zoo dicht bij haar;
't Storten der branding kan mij hier niet treffen.
Hoe kan ik zoo wanhopig klaar beseffen
Dat ik weer scheep zal gaan, voor 't eind van 't jaar.

De zoektocht in Het Verboden Rijk is een reis naar het vinden van een evenwicht in deze dualiteit - die helaas mislukt.

Het is, tenslotte, een thema waarmee ik zelf ook wel uit de voeten kan.

De wereld is mijn thuis. Ik wil de wereld zien en ervaren. Reizen, zowel van binnen als van buiten. En ja: vaak ontmoet ik leuke, interessante mensen. Maar: al te vaak ervaar ik dat mijn wereld in deze contacten kleiner en kleiner wordt. Geen ruimte meer om mezelf te kunnen zijn, om me te ontwikkelen tot de persoon die ik graag wil zijn. Daarmee snijdt het vaak aan de essentie van wie ik ben: iemand die wil blijven groeien. Ik kan dan niets anders dan op stappen, voordat ik mezelf of een ander bezeer - terwijl ik, zoals ieder mens, behoefte heb aan binding. Dat is soms best moeilijk.

Maar: het zijn ook elementen die ik herken uit het varende en zwervende leven van mijn opa. Omdat ze zo herkenbaar zijn, bieden Slauerhoff's verhalen en gedichten op zulke momenten passende inzichten.